Motieven opgegeven voor een abortus
Er zijn altijd zwangeren die meerdere noodsituaties inroepen. Er zijn een aantal tendenzen in het soort noodsituatie dat wordt ingeroepen. Zo zien we slechts een kleine stijging van het aantal meldingen van 'alleenstaande vrouw' als noodsituatie.De top 3 van de ingeroepen noodsituaties is:
- momenteel geen kinderwens
2. de vrouw voelt zich te jong
3. voltooid gezin
Deze drie noodsituaties zijn in feite te resumeren onder de eerste: momenteel geen kinderwens. Dit is verantwoordelijk voor 38,15 % van alle aangegeven abortussen.
Dit wordt gevolgd met student op de 4e plaats (9,15 %) en financiële redenen op de 5e plaats (7,09 % in 2007).
Opvallend is dat ook 'politieke vluchteling' jaarlijks voor zo'n 400 vrouwen een reden is om tot abortus over te gaan. Blijkbaar krijgen deze vrouwen niet de nodige steun om hun kind te houden in hun zo al moeilijke situatie.
Motieven [in %] |
1993 |
1997 |
2000 |
2001 |
2005 |
2006 |
2007 |
|
Lichamelijke gezondheid moeder/kind in gevaar |
4,1 |
3,9 |
4,03 |
4,65 |
3,77 |
3,76 |
4,13 |
|
Niet aanvaarden van de zwangerschap: |
|
|
|
12,07 |
|
53,87 |
|
|
Financiële of materiële redenen |
18,1 |
17,9 |
15,80 |
14,64 |
14,36 |
13,83 |
13,77 |
|
Relationele of familiale redenen |
20,6 |
21,9 |
23,19 |
23,63 |
25,45 |
24,72 |
24,99 |
|
Verkrachting of incest |
0,2 |
0,1 |
0,28 |
0,28 |
0,24 |
0,22 |
0,22 |
|
Politiek vluchteling |
1,5 |
1,3 |
2,35 |
2,59 |
2,58 |
2,39 |
1,83 |
|
Andere |
19 |
5,1 |
5,32 |
3,92 |
1,12 |
1,21 |
1,22 |
We kunnen hierin vier grote groepen van motieven onderscheiden waarom vrouwen abortus aanvragen:
- Medische motieven
- Psychische motieven
- Eugenetische motieven (handicap kind)
- Sociaal-economische motieven
De oorspronkelijke motieven waarom de abortuswet werd gestemd, nl. gevaar voor de lichamelijke gezondheid van de moeder/ het kind en verkrachting of incest, werd voor minder dan 5% van de gevallen ingeroepen! Meestal gaat het om zogenaamde psychische en sociaal-economische motieven. Het kind wordt dan geaborteerd ten gunste van het directe psychische en sociaal-economische welzijn van de moeder.
