| In Groot-Brittannië werden tussen 1996 en 2004 meer dan twintig baby’s geaborteerd nadat de echografie had aangetoond dat ze een klompvoetje hadden. Dat is een vervorming waarbij de voet naar beneden en naar binnen groeit, maar die medisch goed behandeld kan worden. Nog eens vier andere abortussen vonden plaats omdat de baby’s vergroeide vingers of een extra klein teentje hadden. Zo meldde de Britse krant The Sunday Times. Al deze abortussen vonden plaats toen de vrouwen al ruim 20 weken zwanger waren. Het nieuws over deze zwangerschapsafbrekingen heeft in Groot-Brittannië de discussie aangewakkerd over de wenselijkheid van zogeheten perfecte ‘design baby’s’. Er kwamen ook abortussen aan het licht bij gezonde baby’s met een hazenlip. Heel wat artsen maken zich zorgen over die steeds ruimere interpretatie van de term ‘ernstige handicap’. In Groot-Brittannië laat de vaststelling van een handicap immers toe om een abortus uit te voeren tot net voor de geboorte. In ons land mag een afbreking maar gebeuren tot de 12de week van de zwangerschap. De Britse bepaling was oorspronkelijk ingevoerd om vrouwen te beschermen tegen het trauma een kind te krijgen dat nauwelijks levensvatbaar is. |
