Als je kind 'anders' blijkt te zijn
Een gewenste zwangerschap is een vreugdevolle ervaring. “We verwachten een kind en kijken er naar uit.”
De zwangerschap wordt goed opgevolgd en veel prenatale tests worden standaard aangeboden. Meestal is het resultaat bemoedigend, maar soms wordt een afwijking, handicap of ziekte gedetecteerd.
Wat nu?
Ouders worden, of ze willen of niet, voor een keuze geplaatst: houden ze het kind of gaan ze voor abortus?
Het is een moeilijke beslissing, die gaat over leven en dood van een (meestal) gewenst kind. Welke keuze de ouders ook maken, ze dragen er de gevolgen van: wie kiest voor een abortus krijgt te maken met rouw en verlies, verdriet en twijfels. Voor wie kiest voor het kind, kan het leven grondig dooreen geschud worden, komt er veel pijn en verdriet.
Wat de ouders ook beslissen, ze krijgen te maken met een mate van verantwoordelijkheid, ondergaan de gevolgen en moeten een nieuw evenwicht zoeken.
Het is heel belangrijk dat deze ouders tijd krijgen om zich goed te informeren, om na te denken, om klaar te zien in hun gevoelens en om zich niet te laten overheersen door angst en onzekerheid. Dat ze goed ondersteund worden, mensen naast zich hebben die hen met raad en daad bijstaan. Dat ze contact kunnen hebben met “lotgenoten”: gezinnen met een kind met een zelfde handicap of ziekte, zodat ze een realistisch idee krijgen van wat hen mogelijk te wachten staat. Dat ze de weg naar de gepaste hulpverlening vinden en dat ze, indien zij kiezen voor abortus, ondersteund en geholpen worden om dit verlies te verwerken.
